Visie op IDO ontbreekt, middelen worden geïndexeerd
Dinsdag 30 juni 2026Tijdens het debat over digitale inclusie in de Tweede Kamer, benadrukten CDA, 50PLUS, D66 en PRO het belang van de Informatiepunten Digitale Overheid (IDO) . Vanuit de VVD was er aandacht voor digitale basisvaardigheden.
PRO geeft aan te overwegen het IDO met een amendement op te nemen in de nieuwe Wet stelsel openbare bibliotheekvoorzieningen (Wsob), 50PLUS steunt dit voorstel. Als reactie hierop geeft de staatssecretaris aan, nu geen aanleiding te zien voor wettelijke borging. Wij van de Vereniging van Openbare Bibliotheken (VOB) vinden dit een teleurstellende ontwikkeling. Eerder werd aan de Tweede Kamer toegezegd, onderzoek te doen naar wettelijke borging én nam de Tweede Kamer breed de motie-Kathmann aan, waarin wordt uitgesproken dat de uitvoering van de IDO’s bij de bibliotheken moet worden belegd.
De VOB pleit al langere tijd voor duurzame borging van de IDO’s in de bibliotheek, want juist de landelijke bibliotheekinfrastructuur biedt een stevig fundament voor deze dienstverlening. Dankzij deze inbedding kunnen inwoners rekenen op toegankelijke, professionele en kwalitatieve ondersteuning bij digitale (overheids)zaken, met gelijke toegang tot hulp en ondersteuning voor iedereen, binnen én buiten de muren van de bibliotheek. Het blijft nu onduidelijk voor bibliotheken hoe de IDO’s geborgd blijven en welke rol er voor bibliotheken ligt. Dit zet de gelijke toegang tot hulp en ondersteuning bij digitale zaken en de kwaliteit van de IDO’s onnodig onder druk.
Ondanks deze ontwikkeling is er ook positief nieuws. In reactie op vragen van het CDA bevestigde staatssecretaris Van den Burg dat de middelen voor de IDO’s structureel zijn opgenomen in het gemeentefonds. De IDO-middelen worden daardoor jaarlijks geïndexeerd. Dat biedt bibliotheken meer financiële zekerheid, waarmee ze zich kunnen blijven inzetten voor inwoners in een steeds verder digitaliserende samenleving.








