Ga door naar hoofdcontent
Interviews‘Of we deze crisis goed benut hebben, moet nog blijken’ – in gesprek met Victor Thissen
Interview met directeur de Boekenberg en de Bibliotheek Zuid-Hollandse Delta

‘Of we deze crisis goed benut hebben, moet nog blijken’ – in gesprek met Victor Thissen

Woensdag 30 september 2020Afbeelding ‘Of we deze crisis goed benut hebben, moet nog blijken’ – in gesprek met Victor Thissen

Hoe voeren bibliotheken hun taken uit in het gebied waarin en waarvoor zij werkzaam zijn? Bij welke kernfuncties liggen hun kansen en hun uitdagingen? En hoe zouden we het bibliotheekveld nog beter kunnen inrichten om die functies optimaal te vervullen? In deze serie interviews nodigt Anne van den Dool (KB) bibliotheekdirecteuren uit met een frisse blik te kijken naar de sector en haar taken.

Terughoudend

Hoe krijgen wij de mensen terug onze gebouwen in? Dat is een van de grootste uitdagingen waarvoor Victor Thissen, directeur van zowel de Boekenberg in Spijkenisse als de Bibliotheek Zuid-Hollandse Delta, zichzelf geplaatst ziet. ‘Aantal bezoekers is lager dan voor de coronacrisis,’ licht hij toe. ‘Mensen moeten hun bezoek aan de bibliotheek weer als vanzelfsprekend onderdeel van hun routine gaan zien. Onze dienstverlening mag dan wel weer bijna op het oude niveau zijn, de consument lijkt er nog niet klaar voor.’

Toch lopen sommige activiteiten alweer storm: met name programma’s voor kinderen zijn weer uitverkocht. Toch blijft Thissen voorzichtig. ‘Een lezing vol krijgen blijkt nog steeds lastig. Een grote schrijver programmeren we de komende tijd niet.’

Het begint allemaal met een veilig gevoel, aldus Thissen. ‘In al onze vestigingen nemen we de veiligheidsregels goed in acht. En toch: al die bordjes, pijlen, linten en hesjes nemen wel een deel van de sfeer weg.’ Daarom nam Thissen een street artist in de arm, die hij signing liet maken die de bezoeker wél op een aangename manier welkom heette.

Ouderenuurtjes

Ook hanteerden enkele van de vestigingen een tijdje ouderenuurtjes. Nu in Rotterdam en omstreken de besmettingen weer rap oplopen, wordt dit idee door de veiligheidsregio Rijnmond weer op de agenda gezet. Thissen is geen groot voorstander: ‘Op die momenten staan reguliere bezoekers voor gesloten deuren. Bovendien blijken ouderen niet en masse op die uren af te komen. Bovendien is er voldoende ruimte in de bibliotheek om je vrij te kunnen bewegen. Het instellen van zo’n speciaal tijdslot geeft het idee dat dat niet het geval is. Tot slot moet je het ook nog gecommuniceerd weten te krijgen: ouderen moeten weten dat ze op speciale momenten welkom zijn en alle andere bezoekers moeten weten dat ze op een ander moment moeten komen. Daar moet je flink wat verschillende communicatiemiddelen voor inzetten.’

Never waste a good crisis, is het motto van Thissen. ‘Het is nog te vroeg om vast te stellen of dat ook daadwerkelijk is gelukt,’ geeft hij toe. ‘Vanaf dag één heb ik tegen collega’s gezegd: je zult zien dat de komende periode allerlei kansen ontstaan. De creativiteit zal losbarsten, we zullen op digitaal vlak bergen verzetten. Sommige van die nieuwe initiatieven zullen langzaam maar zeker weer verdwijnen, maar andere zullen hopelijk verankerd blijven in onze dienstverlening.’

‘Een voorbeeld is de inspiratieavond die standaard plaatsvindt aan de vooravond van de Kinderboekenweek. Docenten uit het basisonderwijs uit de hele regio komen dan naar de Boekenberg of naar het Cultuurhuis in Hellevoetsluis om nieuwe ideeën op te doen voor een kleurrijke invulling van de Kinderboekenweek. Dat zijn altijd bijzonder geslaagde avonden, die zeer worden gewaardeerd. Dit jaar vond die avond noodgedwongen online plaats. Het was een groot succes: we hadden meer dan honderd deelnemers en de filmpjes zijn later nog vele malen vaker teruggekeken. Ik zei meteen tegen het team: dit gaan we vaker zo doen.’

Oude ritme

Toch ziet Thissen om zich heen dat men alweer terugvalt in het oude ritme. ‘Tijdens de eerste weken van de coronacrisis heb ik meer contact gehad met collega-directeuren dan ooit,’ vertelt hij. ‘Het was prettig om kennis en ervaringen met elkaar te kunnen delen. Toch is dat contact jammer genoeg alweer verminderd. We vallen weer terug in onze vaste overlegorganen. Persoonlijk had ik gehoopt dat we die samenwerking een stevigere impuls konden geven.’

Want samen optrekken, daar is Thissen van. ‘Ook met de Rijnmondse bibliotheken komen we regelmatig bij elkaar. We onderzoeken nu of we ons gezamenlijk als partner kunnen presenteren richting het bedrijfsleven. Samen de vraag ophalen en samen ons aanbod daarop afstemmen, dat is de kern. Door de samenwerking groeit de kwaliteit met grote sprongen. We werken binnen de sector al veel meer met elkaar samen dan vijftien jaar geleden, maar het kan nog beter.’

Ook laten enkele Rijnmondse bibliotheken onder begeleiding van Probiblio een sociogram van zijn organisaties maken: een krachtenanalyse waarin te zien is welke medewerker met welke partijen contact heeft. ‘Zo zien we dat vanuit verschillende bibliotheken meerdere mensen contact hebben met dezelfde welzijnsorganisaties. Het is natuurlijk veel efficiënter als daar een en dezelfde persoon achter zit.’

Schaalvergroting

Op termijn ziet Thissen een nog verdere schaalvergroting voor zich. ‘Hoewel de Boekenberg een wezenlijk andere bibliotheek is dan die in Brielle of Hellevoetsluis, zijn er natuurlijk wel samenwerkingen mogelijk,’ legt hij uit. ‘Ons aanbod voor scholen en onze DigiTaalhuizen kunnen we bijvoorbeeld prima op elkaar afstemmen.’

Thissen staat vooral graag stil bij de overeenkomsten tussen de bibliotheken die hij onder zijn hoede heeft. ‘Uiteraard zijn er verschillen. Het kleinere Brielle heeft een betrekkelijk hoogopgeleide bevolking ten opzichte van een stad als Spijkenisse. Op de ene plek hebben we te maken met een dorpsbibliotheek, op de andere met echte stadsproblematiek. Toch ben ik vooral geneigd te kijken naar de gezamenlijke belangen. Een basisschool in Spijkenisse is tenslotte niet wezenlijk anders dan op Goeree-Overflakkee.’

Onafhankelijk

Thissen gelooft dat de sector met die gezamenlijke instelling een veel groter bereik kan creëren. ‘Met het boek bereiken we veel mensen, maar met onze nieuwe dienstverlening nog niet. Over een paar jaar moeten we echt een paar flinke stappen hebben gezet. We werken bijvoorbeeld al een paar jaar samen met de Belastingdienst – een succesvolle samenwerking, die positief is geëvalueerd. Toch ben ik benieuwd hoeveel mensen we nu werkelijk hebben bereikt.’

Het kan allemaal nog een stuk professioneler, aldus Thissen. ‘Het uitlenen van boeken hebben we onder de knie, hoewel ook daar nog veel te winnen valt. Ook de andere takken van onze dienstverlening moeten we in dezelfde mate onder controle krijgen.’

Daarnaast vindt Thissen dat er stappen moeten worden gezet in de financiële onafhankelijkheid van de bibliotheek. ‘Nu zijn we voor een groot deel afhankelijk van gemeenten, maar hoe zeker is die geldstroom? Ik probeer te experimenteren met alternatieve vormen, zoals het gratis bibliotheeklidmaatschap. Op termijn levert dat hopelijk een ander verdienmodel op.’

Reacties

    Plaats een reactie

    Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.Vereiste velden zijn gemarkeerd met *