Kijkwijzer
Bioscopen, speelgoedketens, gameshops, videotheken, warenhuizen, muziekwinkels en bibliotheken kregen in maart 2011 bezoek van in totaal 450 jongeren die games of films wilden huren of kopen waar ze te jong voor waren. Aanleiding was het halfjaarlijkse onderzoek van Bureau 240A naar controle van de Kijkwijzer- en PEGI-normen.
Ook deze keer kwamen bibliotheken weer als beste nalevers uit de bus. Waren het in een eerder stadium vooral de bibliotheken met zelfbedieningsbalie die goed scoorden (hier krijgen te jonge jongeren automatisch nul op het rekest als de apparatuur daarvoor ingesteld is), deze keer moest ook de grote meerderheid van de jongeren aan de balie zonder film of game naar huis.
Zelfbedieningsunits blokkeerden in acht van de tien gevallen uitleen van een ‘te volwassen’ game of film. Baliemedewerkers staken in zes van de zeven gevallen een stokje voor de uitleen. In 69% van de bezochte bibliotheken is de leeftijdsclassificatie van films aangegeven middels brochures, posters of ander informatiemateriaal. Dit zijn allemaal verbeteringen in vergelijking met de vorige meting. Het enige dat gedaald was, was de uitleg over de symbolen, die konden medewerkers in 85 procent van de gevallen geven.
De resultaten van de halfjaarlijkse meting staan in de presentatie van Bureau 240A.
Achtergrond
De VOB heeft in het voorjaar 2009 een convenant ondertekend waarin betere naleving van PEGI (classificatie voor games) en Kijkwijzer (classificatie voor films, DVD’s en video’s) wordt afgesproken. Dit convenant is getekend tussen de branches bioscopen, winkels, videotheken of bibliotheken, het NICAM en het Ministerie van Justitie. Het moet leiden tot een betere handhaving van de leeftijdsgrenzen voor audiovisuele producten in bioscopen, winkels, videotheken en bibliotheken.
Artikel 240a WvS
Artikel 240a van het Wetboek van Strafrecht: 'Met gevangenisstraf van ten hoogste een jaar of geldboete van de vierde categorie wordt gestraft hij die een afbeelding of voorwerp, of een gegevensdrager, bevattende een afbeelding waarvan de vertoning schadelijk is te achten voor personen beneden de leeftijd van zestien jaar, verstrekt, aanbiedt of vertoont aan een minderjarige van wie hij weet of redelijkerwijs moet vermoeden, dat deze jonger is dan zestien jaar.'










![[RSS]](fileadmin/templates/img/rss.png)